Category ArchivePsychologie

Dieptepunt in je leven.

Dat het leven niet altijd over rozen gaat, daar zijn de meeste mensen wel achter. Het leven van een mens verloopt vaak in golfbewegingen. Je hebt een periode waarin alles je mee zit en dan voel je jezelf op de top van de wereld. En dan zomaar uit het niets kan deze positieve golf omslaan, en beland je in een diep dal. Een dal waar je vaak maar moeilijk uit kan komen, omdat je niet weet hoe je er in beland bent. Of omdat je geen uitgangen ziet. Toch heeft ieder dieptepunt die je bereikt in je leven een nut. Alleen moet je zelf ontdekken hoe, wat en waarom je in deze situatie zit.

Je kunt je leven het beste vergelijken met een plastic tasje. Met een plastic tasje op zak ga je winkelen. Alles wat je tegenkomt en je leuk, zielig of nuttig vindt, neem je mee en stop je in je plastic tasje. Spullen die voor jou bedoeld zijn, maar ook voor dierbare personen om je heen. Het tasje wordt steeds zwaarder, maar af en toe zet je het even naast je op de grond om jezelf te ontlasten. Als je het tasje weer oppakt, snijden de handvatten in je hand en daarom wissel je telkens weer van hand. Als je aan het kijken bent naar een nieuw product gebeurt er plotseling een ramp. Eén van de plastic handvatten breekt en alles wat in het tasje zat, rolt nu over de grond. Haastig probeer je alles te verzamelen en je schaamt je voor je omgeving dat juist dit je overkomt. Sommige producten kun je makkelijk oppakken, maar andere zijn wat verder weggerold en daardoor niet meer binnen je reikwijdte. Inwendig ben je in paniek en met man en macht probeer je controle te krijgen over de situatie. Dan knielt naast je een persoon en helpt je om je spullen te verzamelen. Je bent dankbaar voor deze hulp, maar nog steeds weet je niet hoe je al je spullen mee moet krijgen die in je tasje zaten. Je kunt het handvat wel even vastmaken, maar het gewicht van de spullen zal het weer spoedig laten knappen. De enige oplossing is dat je de inhoud van het tasje vermindert zodat het niet meer knapt.

Daar zit je dan tussen je berg spullen. Je moet een keuze maken welke spullen er in het tasje mee kunnen en welke je terug moet geven. Kies je voor de spullen die voor een ander zijn of kies je voor spullen die voor jezelf zijn? Als je zorgvuldig hebt overwogen welke spullen je meeneemt en wat het tasje kan dragen, ga je verder, maar wetende dat er niets meer in het tasje past. Dan ontdek je dat je ook erg kan genieten van alleen kijken naar de spullen en dat je ze niet perse hoeft mee te nemen. En plotseling merk je dan ook dat er nog steeds te veel spullen in je tasje zitten die je helemaal niet nodig hebt en ook die breng je terug. Hoe langer je winkelavontuur duurt, hoe meer spullen je terugbrengt in plaats van verzamelt.

Het dieptepunt in je leven is een bezinningsmoment waarop je moet gaan kijken wat werkelijk belangrijk is in je leven. Kijken welke dingen je in je ‘tasje’ hebt zitten die eigenlijk er niet in horen. En jezelf dan afvragen: moet ik ze wel meedragen en wat brengt het me? Tuurlijk kun je door blijven lopen en het handvat van het tasje weer herstellen, maar het blijft een feit dat de spullen te zwaar zijn voor het tasje. Alleen wat spullen eruit halen, zal ervoor zorgen dat het niet verder knapt.

Een dieptepunt is een kans die je geboden wordt om even stil te staan bij allerlei zaken. En dan kijken hoe je deze kan en wil veranderen. Maar het is ook een mogelijkheid om te kijken naar de dingen die je hebt en daar dankbaar voor te zijn, waardoor je vanzelf zal merken dat je minder je focus zal hebben op de dingen die je mist. Een dieptepunt kan een heel nuttig moment zijn als je even leert stil te staan waarom dit moment in je leven er is. Een dieptepunt kan het begin van een hoogtepunt worden.

Deel je mee voor iemand die net deze info nodig heeft?

Angst wordt je met de paplepel ingegoten

Angst, een basisemotie van de mens die soms een blok aan je been kan zijn. Angst wordt vaak gezien als een negatieve emotie, maar zonder angst kan een mens niet leven. Angst waarschuwt ons voor eventueel gevaar en is daardoor een prima bescherming.

Maar wat als je gewaarschuwd wordt en er dreigt geen gevaar?
Dan praat je over irrreële angst. Angst die niet gegrond is, maar wel duidelijk voelbaar is. Je onderbewustzijn, die onder meer je emoties regelt, is dan verkeerd geprogrammeerd en waarschuwt je voor gevaar wat er niet is. Het vervelende van deze programmering is dat het steeds vaker waarschuwingen gaat geven en daardoor groeit je angst en wordt je voor steeds meer situaties angstiger. Je raakt vaak in een isolement en schaamte voert de boventoon.

Medicatie kan de scherpe randjes eraf halen, maar je onderbewustzijn resetten doet het niet. Therapie kan een poging wagen, maar na verloop van tijd duikt de angst weer op en voor je het weet ben je weer terug bij af.
Het werkelijk opsporen van angst is erg moeilijk, omdat er maar weinig mensen toegang tot het onderbewustzijn hebben. Bénazir heeft deze toegang. Jarenlang onderzoek, ervaringen en informatie vergaren heeft ervoor gezorgd dat het nu mogelijk is om angsten op te sporen.

Waar komen je angsten vandaan, wat voor invloed heeft het op je kinderen en je omgeving? Hoe kan ik angsten voorkomen? Waarom is de ene mens ‘vatbaarder’ voor angsten dan de ander?
Allemaal zaken die belicht worden tijdens de workshop ‘Inzichten in je angsten’. Een nuchtere workshop die geen therapie is, maar laat zien wat er allemaal op het onderbewustzijn van de mens staat opgeslagen.

Angst hoeft niet meer je leven te beheersen. Angst kun je terugbrengen naar de emotie zoals het bedoeld is. Want irreële angst wordt je letterlijk met de paplepel ingegoten.
Overwin je je angst om je leven een toekomst te geven?

Beelddenken

Beelddenken is denken in beelden in plaats van in woorden. Tot ongeveer het vierde levensjaar maakt de mens meer gebruik van beelden dan van woorden. Als de taal zich verder gaat ontwikkelen, dan stapt men langzamerhand over van beelden naar woorden. Deze overstap maakt niet iedereen en die mensen worden dan ook beelddenkers genoemd.

WOORDEN EN BEELDEN
Er zijn twee manieren van denken: verbale begripsvorming en non-verbale begripsvorming. Verbale begripsvorming is het denken in woorden en non-verbaal is het denken in beelden. Als we geboren worden, maken we uitsluitend gebruik van de non-verbale begripsvorming, oftewel het denken in beelden. Naarmate we ouder worden groeit onze woordenschat en schakelen we langzaam over op hoofdzakelijk verbale begripsvorming, oftewel het denken in woorden. Slechts een kleine groep mensen schakelt niet over op woorden en blijft  voornamelijk in beelden denken. Als mens denken we zowel in woorden als in beelden, maar het ene zal veel dominanter aanwezig zijn dan het andere.

SNELLE DENKER
Woorddenkers maken gebruik van bewuste processen, want woord voor woord wordt er een zin gevormd. Dat gaat meestal net zo snel als dat men spreekt. Iemand die normaal spreekt produceert ongeveer 150 woorden per minuut. Dat komt neer op 2 ½ woord per seconde. Bij beelddenkers gaat het proces op een andere wijze, namelijk onbewust. Het ene beeld roept razendsnel het andere beeld op waardoor het denkproces vele malen sneller verloopt dan bij woorddenkers. Waar een woorddenker 2 ½ woord per seconde haalt, kan een beelddenker makkelijk 80 of meer beelden per seconde halen. Omdat men met het onderbewustzijn te maken heeft, kan men het non-verbale proces moeilijk doorgronden en meten. Dit proces zorgt er wel voor dat een beelddenker razendsnel een probleem overziet en tot een oplossing kan komen. Het ene beeld wordt namelijk gevolgd door het andere, totdat er een oplossing is. Een beelddenker beleeft als het ware de situatie heel snel in gedachten. Deze manier van denken heeft een groot voordeel, want het zijn vaak oplossingsgerichte mensen.

INFORMATIE VERWERKEN
We krijgen informatie binnen via onze zintuigen. We kunnen de informatie filteren in bruikbaar en niet bruikbaar. Doordat beelddenkers vaak observerend  zijn, gebruiken ze de ogen om zoveel mogelijk  informatie naar binnen te krijgen. Deze informatie slaan ze op in  een apart beeldgeheugen waar alles verwerkt wordt. Doordat hun aandacht anders gericht is dan bij woorddenkers, nemen beelddenkers vaak andere dingen visueel waar. Hun visuele waarneming is daardoor beter ontwikkeld en ze kunnen mede door hun beeldveld het geheel goed overzien. Door hun snelle manier van informatie verwerken, kunnen ze binnen zeer korte tijd het geheel van een probleem  overzien. Omdat ze de informatie in de vorm van beelden krijgen, is het voor hen moeilijk om het te vertalen naar woorden en komen ze daardoor verward en chaotisch over. Ze zullen ook snel alles benoemen met: dinges.

BEELDVELD
Het beeld dat wordt waargenomen door je ogen noem je het gezichtsveld. Het is het veld dat je ziet met  je ogen. Maar wat nu als je je ogen dicht doet en je je iets moet voorstellen? Ook dan maak je gebruik van een bepaald punt. Dit punt noem je het beeldveld, omdat je geen gebruik maakt van je gezichtsvermogen, maar van je voorstelling, oftewel je opgeslagen beelden. Het beeldveld bevindt zich ongeveer 10 centimeter boven je hoofd. Als je in gedachten naar iets kijkt, dan wordt het beeld gevormd vanaf dat punt. Bij woorddenkers zit dit cameraatje vast en daardoor wordt het beeld altijd vanuit een vast punt gevormd. Beelddenkers hebben echter een flexibel cameraatje. Ze zijn in staat om hun beeldveld alle kanten op te laten draaien, waardoor ze bijvoorbeeld een object in gedachten van alle kanten kunnen bekijken. Het flexibele beeldveld kan een handicap zijn in een wereld van woorddenkers als je niet weet hoe je ermee om moet gaan.

GAVE
Dat beelddenkers in een wereld van woorddenkers vastlopen, dat is een onderschat probleem. Het onderwijssysteem is gericht op verbale begripsvorming, oftewel taal. Er wordt dan gedacht in klanken, symbolen en vormen. Dit langzame proces kan een beelddenker in de weg gaan staan, omdat zijn aandacht door iets totaal anders wordt getrokken. Leer- en concentratieproblemen kunnen het gevolg zijn, ondanks het feit dat je te maken hebt met iemand die misschien wel 32 keer sneller denkt. Een beelddenker is gewend om zijn motor continu op de volle snelheid te laten rijden, terwijl het leersysteem hem dwingt om stapvoets te gaan. Het wordt daarom tijd dat ook deze kinderen hun eigen tempo mogen bepalen, zodat ze kunnen laten zien dat beelddenken een gave is.

De vele gezichten van een narcist

Als een relatie niet naar wens is verlopen, dan gaat men vaak analyseren wat de reden ervan is. Vaak wordt dan genoemd dat men met een narcist te maken had, waardoor een goede relatie opbouwen kansloos was. Maar wat is nu werkelijk een narcist en hoe ontstaat een narcistische persoonlijkheidsstoornis?

Een kind die in zijn jeugd op geestelijk en emotioneel gebied beschadigd wordt en daardoor het moeilijk vindt of zelfs bang is om bij zijn diepste gevoelens te komen, kan een narcistische persoonlijkheidsstoornis ontwikkelen. Door zich als iemand anders voor te doen probeert hij bijvoorbeeld zijn schaamte, angst en/of lage zelfbeeld te verbergen. De nieuwe identiteit die hij dan aanneemt, kan variëren van het machotype tot het stille, volgzame slachtoffer. Het jasje dat ze aandoen zorgt vaak voor verwarringen, omdat je vaak niet meteen er doorheen kan prikken. Een opschepper is duidelijk herkenbaar, maar het perfecte kind zal moeilijker te herkennen zijn. Achter het masker wat er opgezet wordt, gaat meestal een kwetsbaar, emotioneel beschadigd kind schuil dat vaak manipulatief gedrag heeft. Alles wordt in het werk gesteld om aandacht te krijgen, zodat hun innerlijke leegte even opgevuld wordt. Een kind dat dan ook de aandacht ontvangt, zal steeds meer vragen, omdat het een niet te stillen behoefte heeft in zijn innerlijkheid.

Een narcist weet vaak mensen op een mooie manier in te pakken met zijn charmes, waardoor je niet doorhebt dat je met een narcistische persoonlijkheid te maken hebt. Je voelt je gevleid en al snel schenk je hem je vertrouwen en vaak nog meer dan alleen dat.
De overredingskracht van de extroverte narcist dwingt je op een bepaalde manier een richting in, waar je vaak pas te laat tot de ontdekking komt dat dit niet was wat je wilde.
De introverte, oftewel stille narcist doet dat op een geheel andere wijze. Zijn kwetsbaarheid zorgt ervoor dat je de behoefte krijgt om voor de persoon te zorgen. Dat zorgen gaat soms zo ver, dat je jezelf schuldig gaat voelen als je het niet doet. Iedere verantwoordelijkheid ga je voor de narcist dragen, omdat je ervan overtuigd bent dat hij het zelf niet kan. Die emotionele afhankelijkheid kan je opbreken, omdat je weet dat – wanneer je jezelf losmaakt van de persoon – het zijn ‘ondergang’ kan betekenen. Je in dienst staan van deze persoon wordt gezien als het ‘recht hebben op’. Daardoor zal een ontkoppeling vaak met strijd gaan, omdat je de narcist voor zijn gevoel iets ontneemt en daardoor tekort doet. Een narcist zal het moeilijk vinden om te reflecteren en daardoor wordt er met de vinger altijd naar anderen gewezen. Lasterlijke verhalen zullen verteld worden om zijn eigen positie te verbeteren.

Het empathisch vermogen van een narcist is vaak gebrekkig ontwikkeld, waardoor ze weinig tot geen inlevingsvermogen hebben. Inlevingsvermogen waar juist de ‘slachtoffers’ van narcisten op zoek naar zijn, omdat ze door hun eigen ervaringen een laag zelfbeeld krijgen en snakken naar aandacht en steun. Steun die de narcist in de eerste instantie lijkt te geven, maar daarmee een afhankelijkheid creëert.

Als je het gevoel hebt dat je in een relatie zit met een narcist, dan is het verstandig om jezelf eens af te vragen: wat levert het me op en wat moet ik inleveren? Als je het gevoel hebt dat het je meer kost dan dat het je oplevert, is het misschien tijd om je grenzen iets duidelijker aan te geven. Ben je bang omdat de persoon onvoorspelbaar is, dan kun je de hulp van een onafhankelijke partij inroepen die je kan helpen om je grenzen aan te geven.
Een relatie met een narcist zal altijd een relatie zijn van ongelijke (empathische) waarde. Kun je daar een weg in vinden en het accepteren, dan is een relatie mogelijk. Je zult echter wel altijd je eigen grenzen moeten bewaken en geen empathische verwachtingen hebben van de persoon. Een oppervlakkige relatie is misschien wel de meest aan te raden relatie die je kunt opbouwen met een narcist. En dat is een relatie zonder wederzijdse verwachtingen. Want verwachtingen kunnen zorgen voor teleurstellingen. En die teleurstellingen worden de deuken in je eigen persoonlijkheid.

Welk type mens ben je?

Het leven bestaat uit golfbewegingen.
Hoe groot de golven zijn en hoelang ze aanblijven, dat kun jezelf bepalen. Het is dan ook belangrijk om in een situatie waar het even wat minder gaat, jezelf even de spiegel voor te houden, zodat je kunt bepalen welk type mens je bent.

Locomotief:
Een locomotief is een persoon die van tijd tot tijd zoveel energie heeft dat het wagonnetjes, oftewel mensen eraan kan hangen. Hij heeft een luisterend oor, keer op keer weer vol goede tips en positieve energie. Een locomotief dendert maar door en ziet er sterk en onverwoestbaar uit. Maar dat deze locomotief ook even aandacht en tijd nodig heeft- denk maar aan een servicebeurt – vergeten anderen vaak. Als deze geen servicebeurt krijgt, dan zal deze, hoe sterk dan ook, toch vastlopen. Een locomotief moet dus af en toe pas op de plaats maken om zichzelf te onderhouden.

Wagon:
Een wagon heeft een motor nodig om zich voort te bewegen. Haakt die vast aan een gezellige, leuke, positieve locomotief, dan zal deze wagon zich prettig en fijn voelen. Op het moment dat je als wagon alleen verder moet, kunnen er problemen ontstaan. Het tempo neemt af, want je motor is er niet meer. Omdat je gewend was aan de positieve energie en boost om je heen, ga je deze missen en val je terug. Je krijgt identiteitsproblemen, omdat je niet meer weet wie je bent. Je bent al die tijd aangehaakt geweest aan de locomotief. Je wordt angstig, omdat je niet weet welke weg je op moet. Een lusteloos, onrustig, onbestendig, angstig, neerslachtig, eenzaam en verdrietig gevoel ontstaat.

Je bent boos; boos omdat je je motor mist. Het is je ontnomen en dat vind je niet rechtvaardig. Is dit daadwerkelijk ook zo, of ben je gewoon verantwoordelijk voor je eigen leven en daden? Alleen door daadwerkelijk ervoor te zorgen dat je je eigen wagon van een motor gaat voorzien, of zelf een locomotief gaat worden, kunnen je levensgolfbewegingen minder worden.

Welk type mens ben je en waar wil je naar toe?

Deel je mee?

Hoe wordt het zelfbeeld van een kind gevormd?

De manier zoals een mens naar zichzelf kijkt is van groot belang in de ontwikkeling van de mens. Het heeft namelijk invloed op je zelfvertrouwen en de manier zoals men zich zal presenteren naar anderen toe. Wanneer je van jezelf denkt: ‘Ik ben aardig en de moeite waard’ zal dit veel zelfvertrouwen opleveren. Maar als je denkt: ‘Ik word ook zo snel driftig, natuurlijk vinden ze me niet aardig,’ zal dit een nadelige invloed hebben op je zelfvertrouwen.

Als een kind geboren wordt, heeft hij geen gedachten over zichzelf. Hij ziet de personen om zich heen ook niet als individuen. Door de manier waarop de omgeving van het kind met hem omgaat, leert het kind over zichzelf en hoe hij naar zichzelf moet kijken. Als een kind positief benaderd wordt en gewaardeerd en geaccepteerd wordt, zal het een positief zelfbeeld ontwikkelen. Met andere woorden: op een positieve manier naar zichzelf gaan kijken. Dat heeft een directe invloed op zijn zelfvertrouwen en de manier waarop hij zich zal gedragen. Een kind dat het gevoel heeft dat zijn ouders hem lief vinden, zal daardoor sneller iets willen doen voor zijn ouders. Het gevoel dat hij gewaardeerd wordt en de bevestiging hiervan horen, zal een stimulans zijn tot meer positieve daden.
Een kind dat negatief benaderd wordt, zal vaak ook negatief gedrag vertonen. Het voelt zich niet gewaardeerd en geaccepteerd. Hierdoor krijgt het kind vaak een laag zelfbeeld en zal dit ook invloed hebben op zijn zelfvertrouwen. Ouder en kind belanden in een neerwaartse spiraal die moeilijk om te buigen is.

Voorbeeld:
Het maakt toch niet uit of ik meehelp of niet, want mijn ouders zijn toch altijd boos op me. En omdat het kind niet meehelpt, zullen de ouders inderdaad weer boos worden. Op die manier worden zijn gedachten bevestigd en ontstaat er een negatief zelfbeeld. Ouders en kind belanden daardoor in een neerwaartse spiraal.
Dat de vorming van een zelfbeeld belangrijk is, blijkt hier wel uit. Kinderen doen de meeste ervaringen op met en bij hun ouders. De mening van de ouders zal ook bepalend zijn voor de ontwikkeling van het kind. Als ouders een opmerking keer op keer herhalen zal het kind het als waarheid gaan aannemen en dat zal invloed op zijn gedrag en zelfbeeld hebben.
Voorbeeld: Een kind dat de hele dag te horen krijgt dat het niets kan, zal geen eigen initiatief meer tonen, met als gevolg dat de ouders steeds meer zullen bevestigen dat het kind niets kan. Het kind zal daardoor weinig zelfvertrouwen hebben als het iets moet ondernemen.

Wil je dit doorbreken, dan zal je het kind eerst moeten leren om positiever over zichzelf te leren denken, waardoor zijn gedrag op den duur kan verbeteren. De omgeving zal ook een rol spelen in het opbouwen van een positief zelfbeeld.
Kinderen zijn erg gevoelig voor gezichtsuitdrukkingen. Als je een positieve opmerking plaatst, laat dat dan ook zien door middel van je mimiek. Het kind zal het dan sneller aannemen.

Vind je het de moeite waard om te delen?

Beelddenken en dyslectie

Dyslecten zijn niet altijd beelddenkers en andersom. Beelddenken is een denkproces en dyslectie is een neurologische stoornis.
Het komt wel vaak voor dat dyslecten beelddenkers zijn en daardoor ontstaat er een verwarring wat betreft de denkwijze van een dyslect.
Een beelddenker is met simpele handelingen en eenvoudige begeleiding prima te integreren in het huidige onderwijssysteem. Een dyslect echter vraagt wat intensievere en specifiekere begeleiding.

Dyslectie is een stoornis waardoor de hersenen niet goed in staat zijn om informatie visueel en auditief te verwerken.
Beelddenken is een denkproces waar men in beelden denkt i.p.v. in woorden. Beiden hebben moeite met de taalverwerking. Maar de oorzaak ligt op een ander vlak.
Dyslectie kan ontstaan door een ontwikkelingsachterstand en beelddenkers schakelen niet om qua denkproces als ze naar de basisschool gaan.
Het is daarom belangrijk dat de diagnose duidelijk gesteld wordt door bevoegde personen, zodat er passende begeleiding kan worden gegeven.

PLUS- of MINmens

Alles om ons heen bestaat uit energie en iedere energievorm bestaat uit plus en min. De mens dus ook. Maar wat zijn nou precies PLUSmensen en MINmensen?

Het zegt iets over je gedrag, manier van omgaan met problemen, informatieverwerking, relaties aangaan, en hoe je in het leven staat of naar het leven kijkt. Geen van beiden is beter dan de ander. PLUSmensen zoeken MINmensen op en andersom om een evenwicht te krijgen. Bij HSP-ers is het vaak belangrijk om te weten of je te maken hebt met een PLUSmens of met een MINmens, omdat je dan bij overprikkeling het gedrag beter begrijpt. Kinderen vertonen in dat geval vaak gedrag dat door hulpverleners verkeerd belicht kan worden waardoor het verkeerde stempeltje gegeven wordt en in dat geval ook onnodige medicatie om de symptomen te onderdrukken. Ik pleit ervoor om het kind in zijn geheel te bekijken en daarbij ook andere invalshoeken in ogenschouw te nemen zoals de parapsychologie.

Twintig procent van de wereldbevolking is een Hoog Sensititief Persoon, dus kunnen we eigenlijk niet meer daar omheen. Dat betekent dat ze meer voelen dan  een niet HSP-er. Paranormaal betekent dat je iets kunt waarnemen wat een ander Niet kan waarnemen. Dat kan zijn: zien, horen, ruiken, weten en/ of voelen. Dat haalt meteen de parapsychologie uit het zweverige hoekje en misschien wordt het dan serieuzer genomen. Want hebben alle ADHD-ers wel echt de juiste diagnose gesteld gekregen? Ongeveer 6 % van de kinderen heeft daadwerkelijk ADHD blijkt uit onderzoek. Maar hoe komt het dan dat er 15 % van de kinderen het stempeltje opgeplakt krijgt vanwege hun gedrag en prikkelverwerking? En dan heb ik terecht twijfels bij de medicatie die ze vervolgens voorgeschreven krijgen. Wordt het dan niet tijd om HSP bij een onderzoek serieus in overweging te nemen ?

PLUSmens

  • Extrovert
  • Impulsief
  • Dominant (gedrag)
  • Overheersend/ grensoverschrijdend (gedrag)
  • Dynamisch
  • Hard voor zichzelf
  • Bij kinderen trek ik een vergelijking met Teigetje

MINmens

  • Introvert
  • Bedachtzaam
  • Teruggetrokken/gesloten (gedrag)
  • Afwachtend
  • Volgzaam
  • Lijkt vaak kwetsbaar (niet assertief)
  • Bij kinderen trek ik een vergelijking met Ior

Een PLUS HSP-er heeft bij overprikkeling veel kenmerken van ADHD en een MIN HSP-er heeft veel kenmerken van PDD-NOS en/of een autistisch aanverwante stoornis.

Door simpele en vooral makkelijk uitvoerbare afsluittechnieken kunnen HSP-ers ervoor zorgen dat ze niet overprikkeld raken. Om de juiste diagnose te stellen adviseer ik om eerst deze afsluittechnieken te gebruiken zodat er een zuiver beeld verkregen wordt van het gedrag van het kind.

Door kennis te bundelen hebben niet alleen kinderen en hun ouders er baat bij, maar ook wij als hulpverleners. Je blik op een kind wordt verruimd door verschillende invalshoeken te gebruiken.

We hebben tenslotte maar één ding voor ogen toch?

En dat is het welzijn van het kind!